#1 De Baviaan

Kort verhaal: De Baviaan

Publicatiedatum: 20 mei 2026 | Copyright by Anna Hannah Hahn

Ik noem hem ‘De Baviaan’. Anderen zien meer gelijkenis met ‘Het Varken’, gezien zijn rossige kop en geniepig toegeknepen ogen. Ik denk daar dus anders over, maar ik ben dan ook één van de weinigen die zijn kleine rode bavianenbillen mag aanschouwen. Al is dat natuurlijk niet echt een privilege. De roodbruine huid, gelijk aan de kleur van zijn gelaat. Niet zacht en roze zoals het hoort, maar hard en eeltig, strak getekend in contouren van ingehouden intensiteit. Zij zijn de slachtoffers van zijn aangespannen frustratie.
            Ik vind hem een baviaan. Ik heb hem hier overigens niet van op de hoogte gesteld hoor, dat ik hem zie als ‘De Baviaan’. Ik zou het niet aandurven, hem te laten weten dat ik hem zo zie. Het is een binnenpretje voor mezelf, puur om alles een beetje dragelijk te houden in deze gekke tijd (het voortvloeisel van zijn doorgeslagen daadkracht).

            Ik neem je mee in mijn observaties en symbolische herinterpretaties. Mijn hersenspinsels, waarin de werkelijkheid is omgezet en vertaald naar het pure zijn. De oermens, de aap…

Sinds hij oppermachtig leider is, zit Don op zijn plek. Ik merk het aan alles. Hoe hij trots door de groep struint, de schouders krom en toch statig. De kleine, diepliggende ogen, scherp en fel. Niets dat hem ontgaat. Een echte leider. Op zijn best als hij de aandacht krijgt waar hij naar snakt. Als hij theatraal op zijn borst slaat en anderen naar hem kijken, zie ik hem groeien. De bronstige onrust, zijn impulsiviteit als wapen tegen vijandige agressie.
            Gisteren zat hij daar weer, op de hoogste traptrede van het paleis. Starend naar de lucht, omdat hij eigenlijk nog wel hoger zou willen. Maar dat kan natuurlijk niet.
            Daar daalde hij neer, gevolgd door zijn gevolg. En samen met dat gevolg hupte hij naar Vlod, een jongere uit de groep en regelmatig slachtoffer van territoriaal gedrag. Ik had medelijden met de knul die zich aardig leek te verweren.
            “De vijand!” krijste Don.
Vlod keek op.
            “Geintje gek”, zei hij en griste hem de banaan uit de hand.
            Waarop de jonge Vlod, met zijn mooie vacht en vechtlust, hem zijn wapens toonde: een puntig gebit vol kraakheldere tanden en kiezen.
            Lacherig aapte Don hem na. Nonchalant tuitte hij zijn kleine mond en krulde de lippen aaps naar voren, voordat hij zijn doorleefde bos vlijmscherpe messen tevoorschijn toverde. Merkwaardig wit en opvallend glanzend.
            Gegeneerd keek ik de andere kant op. De glimmende zooi in de stinkende bek. Ook Vlod draaide snel zijn kop weg. Waarna Don kans zag hem venijnig aan de staart te trekken.
            “Wacht maar”, siste Vlod. En ik wist wat hij daar mee bedoelde.

            Don was op een oude paleismuur geklommen. De muur zat onder de schijt. Het gevolg was hem gevolgd, ondanks de schijt. En de vlooisessie begon. Iedere dag hetzelfde liedje. Don in het midden met zijn rechterhand aan zijn zijde, omringd door domme jonge ja-knikkers. Zijn stugge, dorre vacht. Zijn piekende pluizenkop.

            Ik wist niet wat me overkwam, maar er stroomde agressie door mijn lijf. Zo plotseling dat het me overweldigde. Het was duidelijk wat me te doen stond, een dierlijke aandrang. Primair primatengedrag? Ik weet het, dat is de natuur. Ik ging erheen en trok hem aan zìjn staart.
            Ik zag dat hij dat niet verwachtte. Hij schrok, en kwam me zwaar grommend achterna. Maar gelukkig heeft hij een bijzonder korte spanningsboog en hij werd alweer afgeleid.

Meestal zit hij daar dus, bovenaan die trap van dat paleis, turend over zijn territorium. Bij elke gebeurtenis die maar iets van aanleiding zou kunnen geven tot escalatie, grijpt hij in. Hij kickt erop. Maar doorgaans is hij zelf de oorzaak van het probleem.

            Vandaag was het weer raak. Een paar ouderen uit een andere groep zaten elkaar rustig te vlooien. Ik moet toegeven: dit zijn geen lieve oudjes maar wat vijandig van aard. De leider van de groep kan zeer agressief uit de hoek komen en heeft in zijn jonge jaren menig soortgenoot ernstig beschadigd, zowel fysiek als mentaal. Toch, ze blijven in hun eigen territorium en bemoeien zich doorgaans niet met andere groepen.

            Dat in tegenstelling tot Don. Terwijl ‘De Baviaan’ zich beter op zijn eigen gevolg kan richten, besloot hij zich weer eens met anderen te bemoeien. Ik zag het zo gebeuren. Het begon met wat pestgedrag. Gooien met stenen. Provoceren.
            De oudjes verzetten zich in eerste instantie niet, ze wisten dat ze het onderspit zouden delven. Ze schoven daarom liever maar iets op. Don en zijn gevolg namen direct de warme plek in en gaven hen een paar rake klappen op de rug. De grijze garde reageerde enkel door onwillekeurig wat takken in het rond te slingeren. Takken die terechtkwamen op weer andere soortgenoten, eigenlijk bondgenoten. Die daar uiteraard niet blij mee waren.

            Ik probeerde me er niet al te veel van aan te trekken en keek geforceerd de andere kant uit. Naar de jonge Vlod, die gevlooid werd. Blij dat hij even rust had. En de rest van de groep, die inmiddels minder tevreden was. Omdat de voedselvoorraad schaars aan het raken was, doordat Don zich enkel en alleen bezighield met pesterijen en wangedrag.

Dat heeft hij overigens altijd al gedaan. Ook in zijn verleden, toen hij nog geen oppermachtig leider was. Hij had toen al wel een zeker aanzien. En de oude leider, zwak en goedmoedig, liet hem maar zijn goddelijke gang gaan. Later zou dat hem spijten, maar dat is een ander verhaal. Misschien heeft de oude leider hem toen onderschat. Had hij niet door wat een valse bèta-aap er in de groep rondliep. Of was hij hem vergeten, omdat Don zich in die tijd vaak afzonderde van het volk.
            Don had een groep gelijkgestemden om zich heen verzameld. Samen leefden zij hun eigen welgestelde leven op een eiland aan de rand van het territorium. Ze hadden alle jonge vrouwtjes van de groep geronseld en meegenomen naar die geheime plek. Wat er daar allemaal op dat eiland heeft afgespeeld, dat heb ik alleen van horen zeggen. Ik was er toen al te oud voor en hield mij er, net als de rest van de groep, niet echt mee bezig.

            Maar ik ben van mening dat we niet alles moeten oprakelen uit het verleden. Ik wilde alleen duidelijk maken dat Dons misdragingen niet alleen in het heden plaatsvinden.

Enfin, dit zijn dus mijn dierlijke allegorische hersenspinsels. Een symbolische vergelijking, om alles een beetje dragelijk te houden. Maar deze observatieve symboliek heeft mij ook het gevaar van ‘De Baviaan’ doen inzien.

En daarom hebben mijn beschouwingen ten aanzien van mijn man mij een besluit doen nemen. Ik concludeer dat ‘De Baviaan’ teveel grenzen over is gegaan. En duidelijk een gevaar voor zichzelf en voor de ander vormt. Daarom zal ik hem achter het hek laten zetten. Daar zal hij verzorgd worden tot aan zijn dood. Men zal hem observeren en hem zien als een zeldzaam geval. Een studie-object.

            Ze zullen hem isoleren van de rest. Hij zal dagelijks gevoerd worden, zijn hok verschoond. Hij zal gedrogeerd worden om hem in toom te houden en hem te kalmeren. Ik zie het al helemaal voor me: verzorgers die hem vlooien in de nek, geprakt banaantje als ontbijt, natte washand op zijn rode kont.

Ik zal hem wel eerst moeten inschrijven en voor gek moeten laten verklaren, maar dat zal niet moeilijk zijn.

Het is immers een aap

Cover tunnelvisie

Bestel Tunnelvisie

Psychologische Thriller door Anna Hannah Hahn.

Online ook onder andere verkrijgbaar bij bol.com.